BRILJANT (Duizend Kleuren en Meer)

Ik leg mijn hand tegen de muur aan. Het is een muur van glas, een muur die me scheidt van de andere wereld; een wereld van duizend kleuren en meer.

De wereld waarin ik leef is grijs.

Dit is de wereld waar de meeste mensen in leven.

Ik sta op straat, te midden van honderden mensen, en laat mijn hand tegen het koele glas rusten. Ik lijk de enige te zijn die de muur ziet. Ik weet zeker dat meer mensen de muur moeten hebben opgemerkt – ook zij moeten wel eens naar de andere wereld hebben gekeken; ook zij moeten wel eens dromen van een leven waarin alles mogelijk is en de vrijheid onbegrensd is –, maar bijna niemand durft het risico te nemen.

Bijna niemand durft het glas kapot te slaan.

Iedereen zegt te dromen van onbegrensde vrijheid. Maar de meesten zijn er bang voor.

Ik niet.

Niet meer.

Ik droom er al jaren van om één van die mensen te zijn áchter het glas – de kleurrijke mensen, die lijken te vliegen als ze rennen; die smijten met verf en alles en iedereen om hen heen doordrenken met kleur.

Met duizend kleuren, en méér.

Ik ben niet bang voor de kleuren. Ik ben niet bang om regels te breken. Ik ben niet bang om dit leven achter te laten; het leven dat iedereen leidt, het leven dat vanaf je geboorte een vaste structuur heeft, vastgelegd door regels, het leven dat als een script is dat anderen voor je geschreven hebben, als een vertrouwd verhaal waar niemand van af durft te wijken.

Ik laat mijn rugtas van mijn schouders glijden en hoor hem met een doffe klap op de grond vallen. Ik voel me honderden kilo’s lichter, zonder het gewicht van het grijze leven.

Verscheidene mensen kijken bevreemd naar me om. Maar uiteindelijk loopt iedereen door. Iedereen gaat verder met zijn of haar leven. Ze bemoeien zich niet met degenen die in opstand komen, alsof ze bang zijn om geïnfecteerd te raken door de kleuren. Bang voor de vrijheid van het maken van je eigen keuzes.

Ik druk mijn gespreide hand harder tegen het glas aan en haal diep adem.

Dan voel ik dat er ogen op me rusten.

Iemand ziet me; een jongen, aan de andere kant van het glas. Net als ik staat hij ook stil, midden op straat, en zijn blik blijft zwaar op me rusten. Hij draagt een zwarte trui en heeft de capuchon bijna tot over zijn ogen getrokken. In eerste instantie zie ik niets bijzonders aan hem; hij lijkt precies hetzelfde te zijn als alle andere mensen op straat.

Op de blauwe vlek op zijn wang na.

Het is een veeg van verf, een blauw zo briljant in deze wereld van grijs dat ik me er niet van af kan wenden.

Mijn ogen worden groot. Hij is één van de mensen die de muur kapot heeft geslagen. Eén van de mensen die ik al zo lang wil zijn.

Ik bal mijn hand tot een vuist. Breng hem naar achteren toe.

En stoot hem dan naar voren, met alle kracht die ik heb.

Ik voel geen pijn. Niet in mijn knokkels, niet in mijn pols. Alleen maar kracht.

De klap heeft een impact die alleen ik lijk te kunnen voelen en zien; iedereen blijft gewoon doorlopen, alsof ik in een rivier van mensen sta en ik niets meer dan een steen ben, te klein om de stroming te blokkeren.

Voor mijn ogen zie ik kraaklijnen in de glazen muur ontstaan en terwijl ik langzaam mijn hand laat zakken en een stap naar achteren doe, blijven de lijnen groeien en groeien.

Dan breekt de muur uiteen, in miljoenen kleine scherven. Ze regenen naar beneden toe, maar geen eentje raakt of snijdt me. De zon reflecteert in het glas en alle kleuren van de regenboog dansen over de straat, over alle mensen. Over míj.

Ik ben niet zwart-wit meer. Ik ben kleur.

‘Welkom,’ zegt een stem opeens en ik kijk weer voor me, ‘in je nieuwe leven.’

Het is de jongen met de verf op zijn wang. Hij grijnst naar me en nu zie ik pas dat zijn ogen net zo blauw zijn.

Mijn hartslag versnelt als het tot me doordringt wat ik zojuist heb gedaan. Ik voel me licht in mijn hoofd worden, ik voel me weer honderden kilo’s lichter nu de muur niet meer tussen de andere wereld en mij in staat.

Ik grijns terug.

Opeens wenkt hij me om hem te volgen, en hij rent al weg nog voor ik kan vragen wat hij wil. Hij dreigt in de menigte te verdwijnen, dus ik stop met nadenken, ik stop met twijfelen, ik kijk niet eens één keer achterom – ik ren achter hem aan.

Kleuren hoef je niet alleen te zien; je kan ze ook voelen.

Wat ik nu voel is een explosie van kleur.

Ik ben me bewust van iedere stap die ik zet, van de straatstenen onder mijn schoenzolen; ik ben me bewust van iedere ademhaling, van mijn longen die zich verruimen met lucht zo zuiver als ik nog nooit heb ingeademd; ik ben me bewust van de adrenaline die door me heen raast, van de kracht in mijn spieren.

Ik ren sneller en sneller, voel me alsmaar lichter en lichter worden, en houd de jongen moeiteloos bij.

We rennen door de menigte heen, doorkruisen de straat en snellen door een steeg, een volgende straat in, omrand met wolkenkrabbers die de hemel in torenen. Daar zie ik een jongen en een meisje staan. Bij hun voeten staan allemaal verfpotten, in alle mogelijke kleuren.

De armen van de jongen zijn besmeurd met verf; de haren en kleding van het meisje zijn rood, roze, oranje, geel.

Als we bij hen tot een halt komen, zegt niemand wat. Het meisje knikt en glimlacht alleen maar naar me. De jongen met de blauwe veeg op zijn wang geeft me een pot paarse verf.

‘Kom op,’ roept de andere jongen en hij stapt opzij als het meisje direct reageert; ze tilt een verfpot op, zet zich schrap en zwaait hem dan met al haar kracht omhoog.

Mijn adem stokt in mijn keel als ik de rode verf in een boog door de lucht zie vliegen… en dan een trap zie vormen, die langs één van de wolkenkrabbers omhoog leidt.

Ze aarzelen niet eens – ze rennen alle drie de trap op, met potten verf in hun handen. Ik verstevig de greep op mijn pot en haast me achter hen aan, de rode, druipende traptreden op.

Ik ren naar boven toe, beklim de treden, voel mijn hart wild bonzen en mijn benen zwaar worden. Maar ik stop niet. Ik blijf rennen, tot ik eindelijk hijgend het dak van de wolkenkrabber bereik.

De wind rukt aan mijn haren en kleding. De jongens en het meisje staan met hun rug naar me toe, aan de rand van het dak, met de verfpotten in hun handen. Ze zijn niet bang om te vallen.

Ik ga tussen het meisje en de jongen met de blauwe veeg op zijn gezicht in staan. Mijn adem stokt in mijn keel als ik uitkijk over de stad.

De zon schittert in mijn ooghoeken en een blauwe hemel strekt zich boven ons uit. Maar de gebouwen, de mensen, zelfs de bomen gaan verborgen achter een grijze waas.

Al die tijd ben ik één van hen geweest.

Iemand zonder een eigen pad.

De jongen met de verf op zijn armen zwaait met zijn pot door de lucht en ik kijk toe hoe de verf voor een moment gewichtsloos door de lucht lijkt te zweven, totdat de wind het alle kanten op blaast.

Het meisje volgt zijn voorbeeld, daarna de andere jongen, en dan besef ik pas wat er gebeurt: de stad komt tot leven. Alles en iedereen begint kleur te krijgen, alle briljante kleuren van de regenboog. De warmte van de zon neemt toe en brandt op mijn huid, het gegier van de wind wordt luider.

De wereld komt tot leven.

Grijs wordt verjaagd door kleur.

Ik grijp de verfpot in mijn handen steviger beet, span mijn armspieren aan als ik hem hoger optil.

En gooi hem leeg.

De paarse verf spreidt zich uit als een inktvlek. Het raakt gebouwen, bomen, mensen, zelfs de grond, meters en meters beneden me.

Ik zie de mensenmenigtes op straat stil blijven staan en ik stel me voor hoe een enkeling omhoogkijkt, en ons aan de rand van het dak ziet staan, met de wind in ons haar en kleuren op onze handen.

Ik glimlach, adem diep in en spreid mijn armen alsof ik vlieg.

Ik kijk uit over mijn nieuwe wereld.

Mijn wereld van grenzeloze vrijheid.

Mijn wereld van duizend kleuren en meer.

 

© 2018 Lynnette Robin Slijkhuis | lynnrobin.com

 

Dit korte verhaal, BRILJANT (Duizend Kleuren en Meer), is geïnspireerd door de WordPress Daily Prompt “Brilliant” van 9 januari 2018.

Advertenties

4 gedachtes over “BRILJANT (Duizend Kleuren en Meer)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s